Filterpapier, weegpapier en extractiehulzen in het laboratorium

Wat is filterpapier?

Filterpapier is een poreus papierproduct dat in het laboratorium wordt gebruikt om vaste deeltjes van vloeistoffen te scheiden. Het is gemaakt van zuivere cellulosevezels en verkrijgbaar in een breed scala aan porositeiten, diktes en chemische eigenschappen. De juiste keuze van filterpapier is bepalend voor de kwaliteit en betrouwbaarheid van de uitkomst: gebruik je een te grof filter, dan passeren ongewenste deeltjes het papier; kies je te fijn, dan duurt de filtratie onnodig lang of raakt het filter verstopt.

Naast filterpapier wordt in het laboratorium ook weegpapier gebruikt. Hoewel weegpapier niet filtreert, wordt het hier meebehandeld omdat het van vergelijkbare materialen is gemaakt en in dezelfde categorie van laboratoriumpapierwaren valt.

Overzicht van filterpapier types en kenmerken

Samenstelling en fabricage

Laboratoriumfilterpapier is vervaardigd uit alfa-cellulose, gewonnen uit gezuiverd katoen of houtpulp. Katoencellulose heeft een hogere zuiverheid dan houtcellulose en wordt daarom gebruikt voor analytisch en kwantitatief filterpapier. Het fabricageproces omvat:

  • Katoenlinters: Kortvezellige zaadhaartjes van katoenzaad, te kort voor textielverwerking, maar uitstekend geschikt voor zachte, absorberende filterpapieren. Katoenlinters geven een hoge zuiverheid en zijn de voorkeurs­grondstof voor analytische grades.
  • Gezuiverd houtcellulosepulp: Verkregen door chemische behandeling van naaldhout of loofhout, waarbij hemicellulose en lignine worden verwijderd. Het alfa-cellulose-gehalte van hoogwaardige filterpapieren bedraagt circa 95%.
  • Papiervorming: De vezelsuspensie wordt op een zeef gegoten en gedroogd, waarbij de porositeit wordt bepaald door de vezellengte, vermaling­sgraad en druk tijdens het productieproces.
  • Nabehandeling voor kwantitatieve grades: Ashless filterpapier ondergaat een zuurwassing (HCl/HF) om minerale verontreinigingen te verwijderen en een extreem laag asgehalte te bereiken. Het asgehalte wordt bepaald conform DIN 54370: 10 g filterpapier wordt na verbranding in een platinakroes bij 800 °C gewogen; het resultaat wordt uitgedrukt als percentage van het originele papiergewicht.

Voor glasvezelfilters worden stapelvezels van borosilicaatglas gebruikt met een vezeldiameter van 0,5–1,5 µm — aanzienlijk dunner dan cellulosevezels. Dit geeft glasvezelfilters hun karakteristieke hoge deeltjesretentie gecombineerd met snelle doorstroming. Glasvezelfilters zijn bestand tegen vrijwel alle chemicaliën, met uitzondering van waterstoffluoride (HF).

Asgehalte: het onderscheid tussen kwalitatief en kwantitatief

Het asgehalte is de hoeveelheid anorganische rest die overblijft wanneer filterpapier volledig wordt verbrand bij circa 900 °C. Dit is een van de belangrijkste kwaliteitsparameters, omdat het aangeeft hoe zuiver het papier is en of het geschikt is voor gravimetrische analyse.

Er zijn twee hoofdcategorieën:

  • Kwalitatief filterpapier heeft een asgehalte van circa 0,06–0,2% van het papiergewicht. Het is niet geschikt voor nauwkeurige gravimetrische bepalingen waarbij het filter wordt uitgegloeïd, maar volstaat voor routinefiltraties waarbij alleen de vloeistof van belang is.
  • Kwantitatief filterpapier (ashless) heeft een asgehalte van maximaal 0,007–0,01% — dit komt overeen met ongeveer 0,05–0,1 mg as per filter van 11 cm doorsnede. Dit is zo verwaarloosbaar dat het filter zonder corrigerende factor in de weegresultaten kan worden meegenomen bij uitgloeien.

Voor gravimetrische analyses — zoals de bepaling van het asgehalte of de gloeirest van een monster — is ashless filterpapier verplicht. Bij routinefiltraties in de scheikunde of biologie is kwalitatief papier in de meeste gevallen afdoende.

Technische parameters van filterpapier

Filterpapier wordt gekarakteriseerd door een reeks gestandaardiseerde parameters. Kennis hiervan helpt bij de juiste keuze voor een specifieke toepassing.

Parameter Beschrijving / norm
Asgehalte / gloeirest Bepaald conform DIN 54370: 10 g filterpapier wordt verbrand in een platinakroes bij 800 °C. Resultaat in % van het originele gewicht.
Filtreertijd (Herzberg-test) Conform DIN 53137: doorlooptijd van 10 mL gedestilleerd water door een viervoudig gevouwen filter van 12,5 cm Ø. Resultaat in seconden. Maat voor de filtretiesnelheid bij zwaartekrachtfiltratie.
Luchtdoorstroomtijd (Gurley-test) Tijd voor filtratie van 100 mL lucht bij een waterdruk van 31 mm over een oppervlak van ¼ vierkante inch. Maat voor porositeit en doorstroomweerstand.
Basisgewicht Bepaald op een monster van 10 × 10 cm. Uitgedrukt in g/m².
Dikte Gemeten met een contactdruktoestel. Bij zachte en gecrepte papieren is een lage contactdruk essentieel om samendrukking en een te lage waarde te voorkomen.
Natte sterkte Maatstaf voor de mechanische stabiliteit van het papier in natte of vochtige toestand. Bepaalbaar als treksterkte of barststerkte.
Droge barststerkte Conform DIN 53113: papier wordt over een rubberdiafragma van 10 cm² gespannen en met toenemende luchtdruk belast tot het barst. Uitgedrukt in kPa.
Treksterkte Een papierstrip van 180 × 15 mm wordt verticaal belast tot scheuren. Uitgedrukt in N/15 mm.
Capillaire opstijghoogte (Klemm) Afstand die een papierstrip in 10 minuten opzuigt wanneer verticaal gedompeld in gedestilleerd water bij 20 °C.
Deeltjesretentie Gekarakteriseerd door de doorlaatbaarheid voor neerslag van ijzer(III)oxihydroxide, loodsulfaat, calciumoxalaat en bariumsulfaat. Volledige retentie = 95%.

Porositeit en vloeistofsnelheid

De porositeit van filterpapier wordt uitgedrukt als de gemiddelde poriegrootte en de vloeistofsnelheid (flow rate). Beide parameters hangen samen: een groter gemiddeld poriediameter resulteert in een hogere doorstroomsnelheid, maar een lagere retentie van fijne deeltjes.

Gangbare poriegrootten in het laboratorium lopen uiteen van circa 1 µm (zeer fijn, voor fijne neerslag) tot meer dan 25 µm (grof, voor snelle voorfiltratie van grote deeltjes). De vloeistofsnelheid wordt gemeten in ml/min onder gestandaardiseerde condities (meestal met water bij een bepaalde druk of zuigkracht).

Bij vacuümfiltratie is de vloeistofsnelheid minder bepalend omdat de aangelegde onderdruk de doorstroming sterk versnelt. Bij zwaartekrachtfiltratie is de keuze van een voldoende fijnmazig, maar niet te traag papier veel kritischer.

Oppervlakteeigenschappen

Het oppervlak van filterpapier is niet glad, maar bestaat uit een netwerk van onderling verstrengelde cellulosevezels. Relevante oppervlakteeigenschappen zijn:

  • Oppervlakteenergie: Cellulose is hydrofoob, maar de vrije hydroxylgroepen maken de vezel toch goed bevochtigbaar met water. Voor filtratie van organische solventen kan dit relevant zijn — sommige solventen bevochtigen het papier minder goed, waardoor de vloeistofsnelheid afneemt.
  • Nat­sterkte: Gewoon filterpapier verliest veel van zijn mechanische sterkte wanneer het nat is. Voor vacuümfiltratie bij hogere drukken zijn speciaal versterkte typen beschikbaar, soms met een polyester- of glassevezelbinding.
  • Hardheid: Hardheid bepaalt hoe goed het papier zijn vorm behoudt tijdens filtratie en hoe gemakkelijk het is te vouwen. Harder papier wordt gebruikt voor geplooide filters en moeilijk te filtreren neerslag.

Grades en indelingssystemen

Filterpapier wordt door fabrikanten ingedeeld in grades — een genummerd systeem dat porositeit, vloeistofsnelheid, asgehalte en toepassingsgebied combineert. Elke fabrikant hanteert zijn eigen nummering, maar onderstaand overzicht geeft een beeld van de meest gebruikte grades.

Kwalitatief filterpapier – standaard grades

Onderstaande waarden zijn afkomstig uit technische specificaties van Whatman (Cytiva). Basisgewicht in g/m², dikte in µm, luchtdoorstroomtijd in s/100 mL/in².

Grade Porie­grootte (µm) Luchtdoorstroomtijd Asgehalte (%) Basisgewicht (g/m²) Typische toepassing
Whatman 1 11 10,5 s 0,06 88 Meest gebruikte grade; routinefiltraties, vloeistofklaring, onderwijs, bodemanalyse, voedingsmiddelen
Whatman 2 8 21 s 0,06 103 Iets langzamer dan grade 1, meer absorberend; ook als monsterdrager in bodem- en plantengroeiproeven
Whatman 3 6 26 s 0,06 187 Dubbele dikte van grade 1; hogere beladingscapaciteit, geschikt voor Büchner-trechters
Whatman 4 20–25 3,7 s 0,06 96 Zeer snelle filtratie; grove neerslag, ijzerhydroxide, aluminiumhydroxide, biologische vloeistoffen
Whatman 5 2,5 94 s 0,06 98 Maximale fijnheid in kwalitatief bereik; fijne neerslag in chemische analyse, wateranalyse
Whatman 6 3 35 s 0,2 105 Tweemaal zo snel als grade 5 bij vergelijkbare fijne retentie; ketelwateranalyse

Kwalitatief filterpapier – natte-sterkte grades (wet strengthened)

Naast de standaard kwalitatieve grades levert Whatman ook natte-sterkte varianten. Deze bevatten een kleine hoeveelheid chemisch stabiel hars, waardoor ze aanzienlijk sterker zijn in natte toestand. Ze zijn geschikt voor toepassingen waarbij het filter intensief wordt gebruikt of waarbij precipitaat van het papieroppervlak moet worden teruggewonnen. Omdat het hars stikstof bevat, zijn deze grades niet geschikt voor Kjeldahl-stikstofbepalingen.

Grade Porie­grootte (µm) Kenmerk Typische toepassing
Whatman 91 10 Gecreept oppervlak, hoge beladingscapaciteit Sucrosebepaling in suikerindustrie, routinefiltratie farmaceutisch
Whatman 113 30 Dikste in het assortiment, snelste flow, gecreept Grove of gelatineuze neerslag; ook als FilterCup beschikbaar
Whatman 114 25 Glad oppervlak, halve dikte van grade 113 Grove of gelatineuze neerslag, eenvoudig precipitaatherstel
Whatman 520a 15–18 Dun, zeer hoge flow, hoge natte sterkte Visceuze vloeistoffen, emulsies, oplosmiddelen, plantextracten

Kwantitatief filterpapier – ashless (asgehalte 0,007%)

Whatman ashless kwantitatief filterpapier wordt verbrand bij 900 °C in lucht. Het asresidu is zo laag dat het voor alle praktische gravimetrische doeleinden verwaarloosbaar is.

Grade Porie­grootte (µm) Luchtdoorstroomtijd Basisgewicht (g/m²) Typische toepassing
Whatman 40 8 19,3 s 92 Klassieke gravimetrische grade; cementen, kleisoorten, ijzer- en staalproducten; bodems; AA-spectrofotometrie
Whatman 41 20–25 3,4 s 84 Snelste ashless grade; grove of gelatineuze neerslag (ijzer- en aluminiumhydroxide); beschikbaar als Disposable Filter Funnel
Whatman 42 2,5 107 s 100 Wereldstandaard voor kritische gravimetrie; bariumsulfaat, metastanniumzuur, fijn gecalceerd calciumcarbonaat
Whatman 43 16 8,9 s 96 Intermediair tussen grade 40 en 41; voedingsanalyse, luchtmonsterdeeltjes, XRF-technieken
Whatman 44 3 57 s 77 Dunne versie van grade 42; lager asgewicht per monster, bijna tweemaal de flow van grade 42

Kwantitatief filterpapier – hardened low ash (asgehalte 0,015%)

Deze grades hebben een iets hoger asgehalte dan de ashless varianten, maar bieden in ruil daarvoor een hardere, gladde oppervlaktestructuur en aanzienlijk hogere natte sterkte en chemische weerstand. Ze zijn bijzonder geschikt voor vacuümfiltratie in Büchner-trechters, waarbij het precipitaat na filtratie van het papieroppervlak moet worden teruggewonnen door schrapen.

Grade Porie­grootte (µm) Kenmerk Typische toepassing
Whatman 50 2,7 Dunste van alle Whatman-filters; gehard, hoogglanzend Fijnste kristallijne neerslag; vacuüm-Büchner; elektronica (nagenoeg vezelvrijlossing)
Whatman 52 7 Hardste oppervlak; medium retentie en flow Algemeen gebruik hardened; breed inzetbaar voor vacuüm- en druktoepassingen
Whatman 54 20–25 Snelste hardened grade Grove neerslag waarbij natte sterkte en Büchner-gebruik gecombineerd worden

Kwantitatief filterpapier – hardened ashless (asgehalte 0,006%)

De hardened ashless grades combineren het laagste asgehalte met zuurbehandeling voor hoge natte sterkte en chemische weerstand. Dit zijn de filters voor de meest veeleisende analytische toepassingen.

Grade Porie­grootte (µm) Typische toepassing
Whatman 540 8 Hardened ashless equivalent van grade 40
Whatman 541 20–25 Snel hardened ashless; grove neerslag
Whatman 542 2,7 Fijnste hardened ashless; kritische gravimetrie onder vacuüm

Kwantitatief filterpapier – Schleicher & Schuell 589-serie (lintfilters)

De 589-serie is in Europa wijdverbreid en staat bekend onder de kleuren van de verpakkingslint. De grades zijn gecertificeerd als ashless en voldoen aan DIN 53 135.

Grade Porie­grootte (µm) Naam / DIN-klasse Toepassing
589/1 12–25 Black Ribbon / klasse 2a Grove neerslag; asgehaltebepalingen in levensmiddelen (Sectie 35 LMBG); Blaine-test cement
589/2 4–12 White Ribbon / klasse 2b Middelgrove neerslag; zandgehalte levensmiddelen; meelkwaliteit; papierindustrie
589/3 2 Blue Ribbon / klasse 2d Fijnste neerslag; onoplosbare onzuiverheden in dierlijke en plantaardige vetten en oliën

Macherey-Nagel (MN) grades en equivalenten

Macherey-Nagel, opgericht in 1911 in Düren (Duitsland), hanteert een eigen graderingssysteem. De MN 640-serie is de standaard ashless-lijn en loopt vrijwel parallel aan de Whatman-40-serie. MN gebruikt kleurcodering van de verpakking als referentie, analoog aan de Schleicher & Schuell-lintconventie.

MN-grade Whatman-equivalent MN kleurcode Filtreertijd (s) Dikte (mm) Snelheid
MN 640 we50,22Zeer snel
MN 640 wNo. 41Zwart lint90,22Snel
MN 640 mNo. 43Wit lint270,19Middelsnel
MN 640 mdNo. 40Rood lint550,18Matig traag
MN 640 ddNo. 44Groen lint1000,15Traag
MN 640 dNo. 42Blauw lint1400,16Traag
MN 640 de1950,19Zeer traag

De kwalitatieve lijn MN 615/616/617/618/619 loopt parallel aan Whatman 1/2/4/3/5/6:

MN-grade Whatman-equivalent Filtreertijd (s) Dikte (mm) Toepassing
MN 617 we50,23Extra snel, zacht
MN 617No. 490,22Snel, grof neerslag
MN 615No. 1220,16Middelsnel, algemeenst gebruikte grade
MN 616270,20Middelsnel, iets dikker
MN 618No. 3230,33Middelsnel maar dik; hoge beladingscapaciteit
MN 616 mdNo. 2550,18Matig traag
MN 619 ehNo. 61400,15Traag, fijn
MN 619 deNo. 51950,18Zeer traag, extra fijn

Vergelijkingstabel: equivalente grades tussen fabrikanten

Elke fabrikant hanteert zijn eigen nummering, maar veel grades zijn functioneel vergelijkbaar. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de meest gebruikte equivalenten, geordend op toepassing.

Toepassing Porie (µm) Whatman MN S&S 589 Sartorius
Routinefiltratie, snel 11 1 615 1288
Routinefiltratie, dik / hoge beladingscapaciteit 6–8 3 618 1289
Grove neerslag, zeer snel 20–25 4 617
Fijne neerslag, kwalitatief 2,5 5 619 de 1291
Kwantitatief ashless, snel (grof neerslag) 20–25 41 640 w 589/1 (Black Ribbon) 388
Kwantitatief ashless, middel 8 40 640 md 589/2 (White Ribbon) 389
Kwantitatief ashless, fijn 2,5 42 640 d 589/3 (Blue Ribbon) 390
Kwantitatief ashless, zeer fijn 1–2 44 640 dd 391
Kwantitatief hardened ashless, fijn (vacuüm) 2,7 542
Glasvezel binder-vrij, algemeen 1,6 GF/A MGA
Glasvezel binder-vrij, zwevende stoffen water 1,2 GF/C MGC
Glasvezel binder-vrij, fijn (eiwitten, DNA) 0,7 GF/F MGF

Equivalenten zijn benaderend. Poriegroottes tussen fabrikanten zijn niet altijd direct vergelijkbaar, omdat de meetmethode (deeltjesretentie versus luchtdoorstroomtijd) verschilt per fabrikant. Raadpleeg altijd het technisch specificatieblad van de betreffende fabrikant voor kritische toepassingen.

Speciale filterpapiertypen

Naast de analytische standaardgrades bestaat er een breed scala aan gespecialiseerde filterpapieren voor specifieke toepassingen:

Gecrepte en geëmbosseerde filters hebben een vergroot effectief oppervlak ten opzichte van glad papier, wat snelle filtratie van grote vloeistofvolumes mogelijk maakt. Gecrepte filters worden geleverd als vellen, rondfilters, geplooide filters en rollen. Toepassing onder andere in de drankenindustrie, galvanotechniek en het filtreren van oliën, verven en essentiële oliën.

Fasescheidingsfilters (hydrofobe filters) zijn geïmpregneerd met silicone, waardoor ze niet bevochtigbaar zijn met water. Water-niet-mengbare organische solventen passeren het filter probleemloos, terwijl de waterige fase achtergehouden wordt. Dit maakt een elegante fase­scheiding mogelijk zonder trechter en scheidende funnel. Macherey-Nagel biedt hiervoor MN 616 WA en MN 617 WA; vergelijkbare producten zijn verkrijgbaar van andere fabrikanten.

Zwarte filterpapieren (MN 220) zijn geverfd met een zwaveldye en worden gebruikt om kleine hoeveelheden witte neerslag zichtbaar te maken — bijvoorbeeld bij de detectie van fluor of silicium. Het zwarte oppervlak biedt een sterk contrast met het neersslag.

Kieselgoer (diatomeeënaarde) papier (MN 660) bevat diatomeeënaarde en zorgt voor adsorptieve naklaring van zeer fijne troebelingen, zoals in urineanalyse en suikeroplossingen. Melkserum, zetmeelsuspensies en suikerhoudende oplossingen voor polarimetrie worden hiermee helder gefilterd.

Geactiveerd-koolfilter papier (MN 728) bevat circa 30% geïncorporeerde actieve kool die niet in het filtraat kan worden uitgewassen. Geschikt voor ontkleuring van gekleurde oplossingen, onder andere in galvanotechniek en elektroplateerinstallaties.

Ionenwisselaarfilterpapier bevat geïmmobiliseerde ionenwisselaarharsen: sterk-zuur kationenwisselaar (SO₃H, H⁺-vorm, capaciteit 2,0 meq/g) of sterk-basisch anionenwisselaar (kwartaire ammoniumgroepen, OH⁻-vorm, capaciteit 1,3 meq/g). Een geplooide filter van 15 cm Ø is voldoende om 100 mL water met een hardheid van 10 °dH te ontmineraliseren.

Whatman binder-vrije glasvezelfilters zijn gemaakt van 100% borosilicaatglas. Ze bevatten geen bindmiddel, wat hen inert maakt voor de meeste oplosmiddelen en geschikt voor gloei-toepassingen tot 500 °C. De filters worden ook gebruikt als prepilter voor membraanfilters dankzij hun hoge beladingscapaciteit.

Grade Retentie (µm) Luchtdoorstroomtijd Dikte (µm) Typische toepassing
GF/A 1,6 4,3 s 260 Algemene filtratie met hoge flow; watermonsteringseffluenten; algen; voedingstof-analyse; radioimmuno-assay
GF/B 1,0 12 s 675 Driemaal dikker dan GF/A; vloeistofklaring bij hoge beladingscapaciteit; LSC-technieken; prefilter voor fijne membranen
GF/C 1,2 6,7 s 260 Standaard wereldwijd voor zwevende stoffen in drinkwater en industrieel/natuurlijk afvalwater; celoogst; liquid scintillation counting
GF/D 2,7 2,2 s 675 Aanzienlijk sneller dan GF/A; dikke prefilter voor fijnretinerende membranen; combineerbaar met GF/B
GF/F 0,7 19 s 420 Hoge efficiëntie; fijne geprecipiteerde eiwitten; DNA-binding en -zuivering; EPA Method TCLP 1311-basis; ook als FilterCup
934-AH 1,5 3,7 s 435 EPA-geselecteerd als standaard voor HiVol-luchtmonsteringsapparatuur (EPM 2000)
QM-A (kwarts) 2,2 6,4 s 475 Hoog-zuiver SiO₂; luchtmonsteringsneming bij zure gassen en hoge temperaturen tot 500 °C; PM-10-meting
GMF 150 1,2 3,1 s 730 Multigrade (grof/fijn dubbellaags); verdubbelt gefilterd volume vergeleken met enkeldichtheids-prefilter

Glasvezelfilters – met bindmiddel

Glasvezelfilters met anorganisch of organisch bindmiddel hebben een hogere mechanische sterkte en zijn inzetbaar in gestandaardiseerde norm- en EPA-methoden.

Grade Bindmiddel Retentie (%) Typische toepassing
GF 6 Anorganisch 99,97 Waterverontreiniging; eiwitverwijdering uit bier; chlorofyl- en fytoplanktonresidu; scintillatiemeting
GF 8 Anorganisch 99,00 Grove deeltjes; PCB/dioxine/DDT in lucht; stofmeting industriële toepassingen
GF 9 Anorganisch 99,97 Luchtmonitoring; scintillatiemeting; kerncentrales; PCB/dioxine
GF 10 Organisch 99,97 Temperatuurbestendig tot 180 °C; weegfilter voor infrarood; rolfilter in automatische luchtfiltratie

Spoorelementen in filterpapier

Voor toepassingen waarbij zeer lage concentraties anorganische elementen worden gemeten (ICP-MS, AAS, XRF), is de chemische zuiverheid van het filter cruciaal. Onderstaand zijn typische sporenelement-gehaltes (ng/g papier) voor drie Whatman-grades, bepaald door de fabrikant.

Element Grade 1 (kwalitatief) Grade 42 (ashless) Grade 542 (hardened ashless)
Calcium185138
Natrium160338
Chloor1308055
Silicium20<2<2
IJzer563
Stikstof2312260
Zink2,40,60,3
Koper1,20,30,2
Lood0,30,20,1
Kwik<0,005<0,005<0,005

Opvallend is het relatief hoge stikstofgehalte van grade 542: dit komt door het hardbindmiddel dat stikstof bevat. Grade 42 (ashless, zonder bindmiddel) heeft een aanzienlijk lager stikstofgehalte en is daarmee de juiste keuze voor Kjeldahl-analyses. Het hoge calciumgehalte in grade 1 ten opzichte van grade 42 en 542 illustreert het effect van de zuurwassing die kwantitatieve filters ondergaan.

Filtreermethoden en bijbehorend papier

De keuze van filtreermethode bepaalt mede welk type en welke grade filterpapier het meest geschikt is:

Zwaartekrachtfiltratie

Bij zwaartekrachtfiltratie doorloopt de vloeistof het papier uitsluitend door de werking van de zwaartekracht. Er wordt gebruik gemaakt van een trechter op een erlenmeyer of bekerglas. Het filterpapier wordt gevouwen tot een kegel (conventioneel of geplooide vouwtechniek). Een geplooide filter (geaccordeoneerd) heeft een groter effectief oppervlak en filtreert sneller doordat lucht langs de zijkant kan ontsnappen.

Geschikt filterpapier: Grade 1 (kwalitatief) of grade 40 (kwantitatief) voor routinewerk. Gebruik geplooide filters voor hete filtraties waarbij kristallisatie in de trechter moet worden voorkomen.

Vacuümfiltratie

Bij vacuümfiltratie wordt via een zuigfles en waterstraalpomp of vacuümpomp onderdruk aangelegd. Het filterpapier wordt plat (ongeplooide) in een Büchner- of Hirsch-trechter geplaatst en moet alle gaatjes in de bodem bedekken zonder te zijn omgevouwen. Het papier wordt eerst bevochtigd met koud oplosmiddel om het te fixeren en kristallen te voorkomen die onder het papier door kruipen.

Geschikt filterpapier: Kies een grade afgestemd op de deeltjesgrootte van het neerslag. Gebruik natte-sterkteversies voor hoge vacuümdrukken om scheuren te voorkomen.

Hete filtratie

Wanneer een oplossing bij afkoeling kristalliseert, wordt hete filtratie toegepast. De gehele filteropstelling wordt verwarmd. Gebruik hiervoor altijd een geplooide filter in een stengelvrije trechter om drukverschillen te egaliseren. Een te trage grade kan leiden tot onnodige afkoeling en kristallisatie in het papier.

Filterpapier vouwen: conventioneel vs. geplooide techniek

Er zijn twee manieren om filterpapier voor de trechter te vouwen:

  • Conventioneel (kegel): Het cirkelvormige papier wordt tweemaal dubbel gevouwen tot een kegel van vier lagen. Eenvoudig, maar relatief klein effectief filteroppervlak.
  • Geplooide (geaccordeoneerde) filter: Het papier wordt in meerdere stappen geplooid tot een waaiervorm. Dit vergroot het effectieve filteroppervlak aanzienlijk, versnelt de doorstroming en vergemakkelijkt drukegalisering. Standaard bij hete filtratie en aanbevolen bij grote vloeistofvolumes.

Weegpapier en weegschuitjes

Weegpapier is een gladgeperst, vochtsbestendig papier dat wordt gebruikt om vaste stoffen nauwkeurig af te wegen op een analytische of precisiebalans. Het is niet bedoeld voor filtratie, maar maakt deel uit van dezelfde productgroep.

Kenmerken van weegpapier:

  • Glad oppervlak: Zorgt ervoor dat alle ingewogen stof volledig op de schaal of in het recipiënt kan worden overgebracht zonder achterblijven in het papier.
  • Laag vochtgehalte: Stabiel gewicht, minimale invloed op de weeguitkomst.
  • Stikstofvrij: Weegpapier voor gebruik bij Kjeldahl-analyses en andere stikstofbepalingen moet geen stikstof bevatten (type MN 226 is stikstofvrij).
  • Formaten: Gangbaar in 75×75 mm en 100×100 mm (ook 9×11,5 cm in blokken).

Naast vlak weegpapier zijn er weegschuitjes (weighing boats): driedimensionaal gevormde bakjes van stijf pergamentpapier voor het afwegen van viskeuze, stroperige of hygroscopische stoffen. Pergament MN 40/25 (30 g/m²) is een opkreukbaar perkamentpapier dat in de suikerindustrie wordt gebruikt voor stroperige en half-gekristalliseerde monsters. Weegschuitjes zijn verkrijgbaar in formaten van 58×10×10 mm tot 70×23×15 mm.

Fabrikanten en merken

De markt voor laboratoriumfilterpapier kent een aantal grote internationale leveranciers:

  • Whatman (Cytiva/GE Healthcare): De meest bekende naam in filterpapier. Whatman biedt een uitgebreid assortiment kwalitatief en kwantitatief filterpapier, glasvezelfilters en membraanfilters. De nummering (1, 2, 4, 40, 41, 42...) is een de-facto standaard in veel laboratoria wereldwijd.
  • Munktell (Ahlstrom-Munksjö): Zweeds merk met een lange traditie in laboratoriumfilterpapier. Munktell-grades lopen grotendeels parallel aan Whatman-grades en zijn onderling uitwisselbaar voor de meeste toepassingen.
  • Macherey-Nagel (MN): Duits bedrijf met een breed filterpapierportfolio, inclusief gehard papier (hardened grades) voor zuurresistente toepassingen.
  • Sartorius: Naast membraanfilters ook cellulosefilterpapier voor kwantitatieve en kwalitatieve toepassingen.
  • Filtrak (Schleicher & Schuell-navolger): Duitslands oudste filterpapierproducent; Filtrak-grades zijn traditioneel ingeburgerd in de Europese analytische chemie.

Bij de meeste toepassingen zijn Whatman- en Munktell-equivalente grades volledig uitwisselbaar, mits de porositeit en het asgehalte overeenkomen.

Extractiehulzen

Een speciale categorie binnen de cellulosefilterpapieren zijn extractiehulzen (extraction thimbles). Deze cilindrische hulzen worden gebruikt in Soxhlet-extractie en andere geautomatiseerde extractorsystemen om vaste monsters te houden terwijl het extractiemiddel er doorheen wordt gepompt. Toepassingen zijn onder andere:

  • Vetbepaling in levensmiddelen (conform DIN 12449)
  • Deeltjesverzameling bij lucht- en rookgasanalyse
  • Extractie van persistente organische verbindingen (PCB, pesticiden)

Cellulose-extractiehulzen zijn beschikbaar in een breed formatenspectrum van 8×40 mm tot 70×330 mm en zijn verkrijgbaar met of zonder deksel, in standaard of dichte uitvoering en in varianten speciaal voor geautomatiseerde extractors (FOSS, Gerhardt, Büchi, VELP). Voor extractie bij hoge temperaturen zijn glazevezelextractiehulzen (glasvezel, zonder bindmiddel) beschikbaar tot 500 °C, voorzien van afdichtingskraag en vingervlakken voor stofanalyse in rookgassen.

Membraanfilters

Naast filterpapier en glasvezelfilters zijn er membraanfilters: dunne synthetische of (half)synthetische films met nauwkeurig gecontroleerde poriegrootten van 0,02 tot 12 µm. Membraanfilters worden ingezet wanneer cellulosefilterpapier niet volstaat: bij sterilisatiefiltratie, microbiologische kweek, HPLC-sample-prep en deeltjesanalyse onder de microscoop. Elk materiaal heeft specifieke eigenschappen die de keuze bepalen.

Celluloseacetaat

Celluloseacetaat (CA) membranen zijn hydrofiel, hebben een zeer lage eiwitbinding en zijn bestand tegen waterige en alcoholische media. Ze zijn steriliseerbaar tot 180 °C. Poriegrootten: 0,2–1,2 µm. Toepassingen: biologische en klinische analyse, steriliteitstests, scintillatiemetingen.

Cellulosenitraat

Cellulosenitraat (CN) membranen worden gefabriceerd onder strenge cleanroom-condities. Ze hebben een smalle poriegrootteverspreiding, lage extractables en hogere flexibiliteit dan de meeste andere membranen. Poriegrootten: 0,1–8 µm. Ze zijn leverbaar als gewone witte filters, gegrasterde filters (rasterlijnafstand 3,1 mm) en in steriele uitvoering. Toepassingen: samplevoorbereiding, microbiologisch onderzoek, waterfiltratie.

Gemengde cellulose-esters (MCE)

Membra-Fil gemengde-ester membranen bestaan uit circa 80% cellulosenitraat en 20% celluloseacetaat. Het resulterende oppervlak is gladder en uniformer dan puur nitrocellulose. De kleurcontrast tussen filter en kolonies vergemakkelijkt het telproces bij microbiologische kweek. Beschikbaar in zwart (voor epifluorescentiemicroscopie) en wit, zowel glad als gerasterd. Steriliseerbaar door autoclaafbehandeling. Poriegrootten: 0,2–12 µm.

Nylon (polyamide)

Nylon membranen zijn hydrofiel en mechanisch zeer sterk. Ze zijn bestand tegen waterige en de meeste organische oplossingen, niet aantastbaar door autoclaveren tot 121 °C, en worden gebruikt voor HPLC-mobiele fase-filtratie, vacuümdegassing en weefselkweekmedium-filtratie. Beschikbaar in 0,2 en 0,45 µm.

PTFE (Teflon)

PTFE membranen zijn chemisch volledig inert en bestand tegen de meeste zuren, basen en organische oplosmiddelen. Ze zijn hydrofob van nature, wat ze geschikt maakt voor lucht- en gassterilisatie naast agressieve vloeistoffiltratie. Maximale gebruikstemperatuur: 150 °C. Gangbare poriegrootten: 0,2, 0,5 en 1,0 µm. Toepassingen: HPLC-samplevoorbereiding (0,5 µm), steriele ventilatie van fermentorvaten en filtratietanks (0,2 µm).

Polycarbonaatmembranen (track-etched)

Track-etched polycarbonaat membranen (Whatman Cyclopore, Nuclepore) hebben cilindrische poriën met een bijzonder smalle poriegrootteverspreiding. Deeltjes worden volledig op het oppervlak vastgehouden en zijn direct zichtbaar onder de microscoop zonder overbrenging. Beschikbaar in poriegrootten van 0,015 tot 12 µm. Toepassingen: epifluorescentiemicroscopie, omgevingsanalyse, celbiologie, EPA-testmethoden, parasitologie.

Anopore (aluminiumoxide)

Anopore Anodisc membranen zijn gemaakt van hoog-zuiver aluminiumoxide (Al₂O₃), elektochemisch geproduceerd. Ze hebben een honingraatstructuur met nauwkeurig gedefinieerde, rechte poriën zonder zijdelingse verbindingen. Maximale gebruikstemperatuur: 400 °C (Anodisc 13). Beschikbaar in 0,02, 0,1 en 0,2 µm. Toepassingen: HPLC-mobiele fase en degassing, gravimetrische analyse, liposoomextrusie, scanning-elektronenmicroscopie, bacteriënanalyse, nanodeeltjesfiltratie.

Keuze per toepassing: overzicht

Toepassing Type filter Grade (indicatief)
Routinefiltratie vloeistof/vaste stof Kwalitatief cellulose Whatman 1 / Munktell 1
Fijne gelatineuze neerslag Kwalitatief (fijn) Whatman 5 of 6
Snelle voorfiltratie Kwalitatief (grof) Whatman 4 / grade 113
Gravimetrie – gemiddeld neerslag (BaSO₄) Kwantitatief ashless Whatman 40
Gravimetrie – fijn neerslag Kwantitatief ashless Whatman 42 of 44
Gravimetrie – grove neerslag, snel Kwantitatief ashless Whatman 41
Büchner-vacuüm, precipitaatherstel door schrapen Kwantitatief hardened Whatman 50 / 52 / 542
Hete filtratie (kristallisatie) Kwalitatief, geplooide filter Whatman 1 of 4
Gravimetrie levensmiddelen (asgehalte) Kwantitatief ashless 589/1 (Black Ribbon)
Agressieve zuren / hoge temperatuur / TOC Glasvezelfilter binder-vrij GF/A, GF/C, GF/F, QM-A
Zwevende stoffen water (EPA/norm) Glasvezelfilter binder-vrij GF/C of 934-AH (EPM 2000)
Sterilisatiefilthratie waterig Membraanfilter cellulosenitraat / nylon 0,2 µm porie
HPLC-samplevoorbereiding (organisch) PTFE-membraan 0,45 of 0,5 µm porie
Microbiologie – kolonietelling MCE of CN membraan, gerasterd 0,45 µm porie
Microscopie – deeltjesanalyse oppervlak Track-etched polycarbonaat Cyclopore of Nuclepore 0,2–1 µm
Afwegen vaste stoffen op balans Weegpapier 75×75 mm of 100×100 mm
Kiemproeven (biologie) Kiempapier / filtreerpapier Ongebleekt grade 1

Kiempapier voor zaadonderzoek en plantenveredeling

In de professionele zaadteelt en plantenveredeling is kiempapier een dagelijks verbruiksartikel. Zaadbedrijven, veredelingsinstituten en kwaliteitslaboratoria voeren routinematig kiemkrachtbepalingen uit op nieuwe rassen, zaadpartijen en bewaarmonsters. De betrouwbaarheid van die bepalingen staat of valt met de kwaliteit van het kiempapier: een inconsistente pH, te hoog geleidingsvermogen of vezels die in de wortels groeien verstoren de uitkomst en maken vergelijking tussen partijen onmogelijk.

Kiempapier is filterpapier dat voldoende water vasthoudt om zaden te laten ontkiemen, maar toch genoeg lucht doorlaat om anaerobe rotting te voorkomen. Het is vervaardigd van hoogzuivere cellulose zonder bleekmiddelen of chemische additieven, zodat er geen stoffen worden afgegeven die de kieming remmen of de uitkomst beïnvloeden.

Voor geaccrediteerde kiemkrachtbepalingen schrijft de ISTA (International Seed Testing Association) specifieke papierkwaliteiten voor. Kiempapier voor ISTA-methoden moet aan de volgende eisen voldoen:

  • Vervaardigd van hoogzuivere cellulose
  • Uitstekende en reproduceerbare waterabsorptie
  • Wortels groeien niet in het papier in
  • Geleidingsvermogen < 40 mS/m
  • pH 6,0 – 7,5

Afhankelijk van de gewassoort en het testprotocol wordt een van de drie ISTA-plaatsingsmethoden gebruikt, elk met een eigen papiertype:

ISTA-methode Omschrijving Papiertype Typische gewassen
Top of paper (TP) Zaden op het oppervlak van het kiempapier, in petrischaal of kiemkast Glad filterpapier, 70–270 g/m² Kleine zaden: klaver, luzerne, grassen
Pleated paper (PP) Zaden verdeeld in de vouwen van geplooide stroken, in een doos geplaatst Geplooide stroken, 110 × 20 × 2000 mm Grote zaden: maïs, suikerbiet, tarwe, gerst
Between paper (BP) Zaden ingesloten tussen twee lagen vochtig papier, opgerold of plat bewaard Gecreept of glad papier, 120–160 g/m², tot 0,69 mm dik Erwten, bonen, haver

Naast ISTA-gecertificeerd kiempapier wordt in de veredeling ook standaard filterpapier van grade 1 gebruikt voor oriënterende kiemproeven, screening van kruisingsmateriaal en interne kwaliteitscontrole. Voor dit gebruik is zuiver, ongebleekt filterpapier geschikt. Gebruik geen chemisch behandeld papier (gehard of gewassen met organische solventen), omdat residuen de kiemingsfysiologie kunnen verstoren.

Vouwfilters en rondfilters: leveringsvormen

Filterpapier is verkrijgbaar in twee hoofdvormen: als rondfilter (vlakke cirkel) en als vouwfilter (voorgevouwen tot kegelvorm). Rondfilters worden zelf gevouwen door de gebruiker — doorgaans tot een kwart of tot een geplooide kegel — en zijn geschikt voor zowel zwaartekracht- als vacuümfiltratie. Vouwfilters zijn in de fabriek al tot een kegelvorm met meerdere plooien gevouwen en zijn direct te plaatsen in een trechter.

Het voordeel van een vouwfilter (ook wel geplooide filter of gevouwen filter) ten opzichte van een eenvoudig gevouwen rondfilter is het vergroot effectief filteroppervlak: door de plooien is meer papieroppervlak in contact met de vloeistof, wat de filtretiesnelheid bij zwaartekrachtfiltratie aanzienlijk verhoogt. Vouwfilters zijn daarom bij uitstek geschikt voor grote vloeistofvolumes, visceuze oplossingen en situaties waarbij snelheid belangrijker is dan maximale retentie. Ze zijn niet geschikt voor vacuümfiltratie in een Büchner-trechter, omdat de plooien bij onderdruk inklappen.

Rondfilters en vouwfilters zijn verkrijgbaar in dezelfde gradereeks — kwalitatief en kwantitatief — en in gangbare diameters van 55 tot 240 mm. De keuze tussen beide leveringsvormen is een praktische afweging: vouwfilters besparen tijd in routinelaboratoria met hoge doorloopvolumes; rondfilters bieden meer flexibiliteit in toepassingen (zowel trechter als Büchner).

Praktische tips voor gebruik in het laboratorium

  • Sla filterpapier droog op, beschermd tegen vocht en chemische dampen. Absorptie van dampen of vocht kan het asgehalte en de zuiverheid beïnvloeden.
  • Gebruik voor vacuümfiltratie altijd de juiste maat: het papier dient plat te liggen en alle gaatjes in de Büchner-trechter te bedekken. Vouwen of opkrullen van de randen leidt tot lekverliezen.
  • Bevochtig het filterpapier bij vacuümfiltratie altijd met koud oplosmiddel voordat de suspensie wordt opgegoten, zodat het papier hecht aan de trechterbodem.
  • Koppel de vacuümslang altijd los vóórdat de waterstraalpomp wordt afgesloten, om terugstroming van water in de zuigfles te voorkomen.
  • Gebruik voor het uitgloeien van filters bij gravimetrische analyse uitsluitend ashless-filterpapier, en draag de filter over met een pincet — nooit met blote handen.

Extractiehulzen

Extractiehulzen zijn cilindrische filterhulzen die worden gebruikt in Soxhlet-extractieapparatuur. Bij Soxhlet-extractie wordt een vast monster herhaaldelijk gespoeld met een organisch oplosmiddel om de doelverbindingen te extraheren. Bij Soxhlet-extractie wordt een vast monster — zoals grond, voedsel, diervoeders of sediment — herhaaldelijk gespoeld met een organisch oplosmiddel om de doelverbindingen te extraheren. De extractiehuls houdt het vaste monstermateriaal bijeen terwijl het oplosmiddel vrijelijk door de wand diffundeert. Typische toepassingen zijn de bepaling van vet- en oliegehalte, pesticidenresiduen, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's) en andere organische verbindingen in vaste matrices.

Extractiehulzen zijn verkrijgbaar in twee hoofdmaterialen:

  • Cellulose-extractiehulzen zijn vervaardigd van hoogzuivere alfa-cellulose, vergelijkbaar met kwantitatief ashless filterpapier. Ze zijn geschikt voor de meeste standaard Soxhlet-extracties met polaire en matig polaire oplosmiddelen zoals ethanol, aceton, methanol en diethylether. Cellulose-extractiehulzen zijn niet bestand tegen geconcentreerde zuren of sterke basen. Het asgehalte is extreem laag (vergelijkbaar met ashless filterpapier), zodat de huls de gravimetrische uitkomst niet beïnvloedt. Whatman biedt cellulose-extractiehulzen aan onder de Soxhlet-thimble-lijn; Ahlstrom levert vergelijkbare producten voor routinetoepassingen.
  • Glasvezel-extractiehulzen zijn vervaardigd van borosilicaatglas en zijn bestand tegen vrijwel alle organische oplosmiddelen, geconcentreerde zuren (met uitzondering van HF) en temperaturen tot 500 °C. Ze zijn geschikt voor extracties met agressieve oplosmiddelen zoals dichloormethaan, tolueen en hexaan, en voor toepassingen waarbij cellulosehulzen de analyse kunnen verstoren door leaching van organische verbindingen. Glasvezel-extractiehulzen worden veel gebruikt in milieuanalyse (PAK's, PCB's, dioxines) en in de farmaceutische industrie.

De maatvoering van extractiehulzen is gestandaardiseerd naar de inwendige diameter en lengte van de Soxhlet-extractiebuis. Gangbare maten zijn 22×80 mm, 26×60 mm, 33×80 mm, 33×100 mm en 43×123 mm. Het is belangrijk dat de huls precies past in de extractiebuis: een te losse huls laat monstermateriaal ontsnappen langs de wand; een te strakke huls belemmert de oplosmiddelcirculatie. Vul de huls nooit tot boven de bovenrand — laat minimaal 1 cm ruimte voor uitzetting van het monster bij verhitting.

Assortiment bij Labvakhandel

Labvakhandel levert filterpapier, weegpapier en extractiehulzen voor uiteenlopende laboratoriumtoepassingen: van routinefiltraties in het onderwijs tot kwantitatief ashless filterpapier voor analytische chemie en extractiehulzen voor Soxhlet-extractie. Ons assortiment omvat rondfilters in gangbare diameters, geplooide filters, glasvezelfilters, weegpapier in diverse formaten en cellulose- en glasvezel-extractiehulzen.

Bekijk het assortiment filtreerpapier, membraanfilters, filtratie-apparatuur en weegpapier, of neem contact op voor advies bij de keuze van het juiste type voor uw toepassing.

Bestellijst

Uw winkelwagen is leeg.