Niet elke chemicaliënkwaliteit is geschikt voor elke toepassing. Een stof die prima voldoet voor industrieel reinigingswerk kan een HPLC-analyse volledig verstoren. De zuiverheidskwaliteit van een chemicaliën is daarmee één van de meest bepalende factoren bij de keuze van een reagens. Dit artikel geeft een volledig overzicht van de gangbare zuiverheidsgraden — van technisch tot ultrapuur — en legt uit welke kwaliteit u voor welke toepassing nodig hebt.
Elke chemicaliënkwaliteit stelt specifieke eisen aan het gehalte aan verontreinigingen. Die verontreinigingen — ook wel matrix-constituenten of onzuiverheden (impurities) genoemd — kunnen afkomstig zijn van het productieproces, de grondstof of de verpakking. Afhankelijk van de toepassing kunnen ze:
De zuiverheidskwaliteit bepaalt ook de prijs: hogere zuiverheid vereist extra zuiveringsstappen en uitgebreidere kwaliteitscontrole. Het heeft dan ook geen zin om dure HPLC-grade oplosmiddelen te gebruiken voor een eenvoudige reinigingsprocedure, terwijl het gebruik van technische kwaliteit voor een gevoelige analyse leidt tot onbetrouwbare resultaten.
De technische kwaliteit is de laagste gangbare zuiverheidsgraad. Stoffen met de aanduiding “technisch” worden geproduceerd voor industrieel gebruik: reinigingsprocessen, waterbehandeling, bulksynthese en soortgelijke toepassingen waarbij de exacte samenstelling minder kritisch is. De zuiverheid ligt doorgaans tussen de 95 en 99%, maar varieert per stof en fabrikant. Er zijn geen gestandaardiseerde normdocumenten voor technische kwaliteit; de specificatie is fabrikant- en productgebonden.
Technische kwaliteit is niet geschikt voor analytisch labwerk, farmaceutische toepassingen of toepassingen waarbij nauwkeurige concentraties vereist zijn.
CP-kwaliteit (Chemically Pure) is een stap hoger dan technisch en is bestemd voor algemeen labgebruik waarbij de stof vrij moet zijn van zichtbare verontreinigingen. Typische toepassingen zijn kwalitatieve reacties, het bereiden van niet-kritische oplossingen en didactisch laboratoriumwerk. De zuiverheid is doorgaans boven de 99%, maar er zijn geen wettelijk verankerde normen voor de toegestane verontreinigingen per element.
De aanduiding p.a. (pro analysi, “voor analyse”) is de meest gebruikte kwaliteit in het analytisch laboratorium. Deze aanduiding geeft aan dat de stof voldoet aan de eisen voor kwantitatieve analyse: titraties, gravimetrie, spectrofotometrie en soortgelijke methoden waarbij de zuiverheid van het reagens de nauwkeurigheid van de uitkomst direct beïnvloedt. De zuiverheid is doorgaans ≥99,5%, en het maximale gehalte aan storende ionen (bijv. zware metalen, chloride, sulfaat) is vastgelegd in het veiligheidsinformatieblad (VIB) en het Certificate of Analysis (CoA).
P.a.-kwaliteit is internationaal gestandaardiseerd in ISO 6353 (Reagents for chemical analysis). Leveranciers leveren bij elk lot een CoA met de gemeten waarden voor de gespecificeerde parameters.
De aanduiding ACS Reagent verwijst naar de normen van de American Chemical Society (ACS Committee on Analytical Reagents). ACS Reagent-kwaliteit is vergelijkbaar met p.a. maar gebaseerd op de Amerikaanse specificaties uit de publicatie Reagent Chemicals. In de praktijk zijn ACS Reagent en p.a. voor de meeste analytische toepassingen uitwisselbaar. ACS Reagent is de standaard voor Noord-Amerikaans analytisch labwerk; in Europa wordt vaker p.a. of de ISO-6353-specificatie gebruikt.
Farmacopee-kwaliteiten zijn bedoeld voor stoffen die worden toegepast in de farmaceutische productie, kwaliteitscontrole van geneesmiddelen of als hulpstof in farmaceutische formuleringen. De drie meest gangbare farmacopee-normen zijn:
Elke farmacopee schrijft per stof de identiteitstest, het minimale zuiverheidsgehalte en de maximale gehalten aan specifieke verontreinigingen voor. Leveranciers die farmacopee-kwaliteit leveren, moeten per lot een CoA overleggen waaruit blijkt dat aan alle farmacopee-testen is voldaan. Farmacopee-kwaliteit vereist ook naleving van GMP-principes (Good Manufacturing Practice) in het productieproces.
HPLC-grade (ook: LC-MS grade of gradient grade) is een specialistische kwaliteit voor oplosmiddelen die worden gebruikt als mobiele fase in vloeistofchromatografie. De specificatie richt zich primair op UV-transparantie: de absorptie bij de detectiegolflengte mag bepaalde grenzen niet overschrijden. Typische eisen zijn een absorptie van minder dan 0,01 AU bij 210 nm voor acetonitril en methanol.
Voor LC-MS-toepassingen (koppeling van vloeistofchromatografie met massaspectrometrie) gelden nog strengere eisen: de oplosmiddelen moeten vrijwel vrij zijn van niet-vluchtige residuen die de ionisatie verstoren. Hiervoor is de aanduiding LC-MS grade of Optima grade (fabrikantspecifiek) in gebruik.
GC-grade oplosmiddelen zijn geoptimaliseerd voor gebruik als injectieoplosmiddel of als oplosmiddel voor de te analyseren monsters in gaschromatografie. De specificatie richt zich op de afwezigheid van componenten die een GC-detector (FID, ECD, NPD) zouden activeren. Pesticide-grade oplosmiddelen voldoen aan extra eisen voor residuanalyse: de achtergrondrespons bij ECD-detectie moet extreem laag zijn.
Trace metal grade — ook aangeduid als “voor spooranalyse” of “sub-ppb kwaliteit” — is bestemd voor de bepaling van sporenelementen met technieken als ICP-MS, ICP-OES en GFAAS. Het gehalte aan storende metaalionen is hierbij de kritische parameter. Specificaties vereisen doorgaans een metaalgehalte van minder dan 1 ppb (1 μg/kg) per element, soms zelfs minder dan 0,1 ppb voor de meest gevoelige technieken.
Zuren in trace metal grade (zoutzuur, salpeterzuur, zwavelzuur) worden geproduceerd via sub-boiling destillatie in PTFE-apparatuur om metaalcontaminatie vanuit het productieproces te vermijden.
De hoogste zuiverheidsgraden zijn bestemd voor de halfgeleiderindustrie en voor de productie van referentiematerialen. Fabrikantspecifieke aanduidingen als Suprapur en Ultrapur verwijzen naar extreem lage gehalten aan zowel metallische als niet-metallische verontreinigingen en aan deeltjes. De SEMI-normen (Semiconductor Equipment and Materials International) definiëren de specificaties voor de halfgeleiderindustrie per stof en procestoepassing.
Stoffen bestemd voor celkweek, microbiologie of moleculaire biologie dragen de aanduiding cell culture grade, BioReagent of molecular biology grade. De kritische parameters zijn hier van biologische aard: de stof mag niet cytotoxisch zijn, moet vrij zijn van endotoxinen (lipopolysacchariden van gram-negatieve bacterieën) en mag geen DNase- of RNase-activiteit vertonen. Dit type kwaliteit is niet gespecificeerd in één internationale norm; elke leverancier hanteert eigen testprotocollen.
Bij iedere levering van een reagens- of analysegraad chemicaliën hoort een Certificate of Analysis (CoA). Het CoA is het kwaliteitsdocument dat per lot aangeeft welke parameters zijn getest en welke waarden zijn gemeten. Het is niet hetzelfde als het veiligheidsinformatieblad (VIB): het VIB beschrijft de veiligheidsrisico's van een stof, terwijl het CoA de analytische specificatie van een specifiek lot vastlegt.
Op een CoA staan doorgaans de volgende gegevens:
Het lotnummer op het CoA moet overeenkomen met het lotnummer op de verpakking. Bij twijfel over de authenticiteit of actualiteit van een CoA kunt u dit verifiëren via de website van de fabrikant of via uw leverancier.
De kwaliteit van een chemicaliën bij levering is niet gegarandeerd als de opslag niet correct plaatsvindt. De voornaamste factoren die de zuiverheid na opening kunnen verlagen zijn:
De opslagvereisten per stof staan vermeld in rubriek 7 van het veiligheidsinformatieblad (VIB). Voor de regels rond de opslag van gevaarlijke stoffen in opslagruimten verwijzen wij naar het artikel over PGS-15 en de opslag van gevaarlijke stoffen.
De zuiverheidskwaliteit is vermeld op het etiket van de verpakking, samen met de CAS-naam, het CAS-nummer, het lotnummer en de CLP-gevarenindeling. Een correct CLP-conform etiket bevat de GHS-gevarenpictogrammen, het signaalwoord (Gevaar of Waarschuwing), de H-zinnen en de P-zinnen. Voor een uitgebreide toelichting op de verplichte etiketteringselementen verwijzen wij naar ons artikel over chemicaliënetikettering in het laboratorium.
Werkt u met zelfgemaakte oplossingen of verdunningen? Dan bent u verplicht deze eveneens te voorzien van een volledig CLP-conform etiket. Gebruik daarvoor onze gratis GHS etiketgenerator, waarmee u direct afdrukklare etiketten samenstelt.
De REACH-verordening (EG) 1907/2006 en de CLP-verordening (EG) 1272/2008 bepalen hoe gevaarlijke chemicaliën in de EU worden geregistreerd, ingedeeld en van informatie voorzien. Voor de koper van een chemicaliën zijn twee verplichtingen van de leverancier van direct belang:
Voor stoffen op de SVHC-kandidatenlijst (Substances of Very High Concern) gelden aanvullende informatieverplichtingen. Bij twijfel over de REACH-status van een stof raadpleegt u het ECHA-informatieportaal of vraagt u uw leverancier om de meest recente REACH-registratiedocumentatie.
RoHS (Restriction of Hazardous Substances) is van toepassing op elektrische en elektronische apparatuur en beperkt het gebruik van bepaalde chemicaliën (zoals lood, kwik en cadmium) in die producten. RoHS is niet van toepassing op chemicaliën als zodanig, maar wel relevant voor laboratoria die analysemethoden voor RoHS-compliance uitvoeren: de referentiestandaarden en oplossingspakketten voor die analyses moeten aan de hoogste zuiverheidseisen voldoen.
In de praktijk worden chemicaliën vaak aangeduid met triviale namen, volksnamen of handelsbenamingen in plaats van de IUPAC-naam die op het etiket staat. Wie weet dat “blauw vitriool” koper(II)sulfaatpentahydraat is, of dat “ijsazijn” watervrij azijnzuur aanduidt, kan een etiket en VIB sneller en juister interpreteren. Ons artikel over bekende chemicaliën, triviale namen en E-nummers biedt een uitgebreid overzicht.
Voor scheikundepractica op middelbare scholen en beroepsopleidingen volstaat doorgaans CP- of p.a.-kwaliteit. De keuze wordt bepaald door het type proef: kwalitatieve demonstraties zijn minder veeleisend dan kwantitatieve titraties waarbij de nauwkeurigheid van het resultaat direct afhangt van de zuiverheid van het reagens. Scholen zijn — net als professionele laboratoria — verplicht de chemicaliën correct te etiketteren en de bijbehorende VIB’s beschikbaar te stellen in het practicumlokaal. Zie ook ons artikel over chemicaliënetikettering in het laboratorium.
Bekijk het volledige assortiment chemicaliën of neem contact op voor advies over de juiste kwaliteit voor uw specifieke toepassing.
Inloggen
Wachtwoord vergeten
Account aanmaken
Uw winkelwagen is leeg.